Bel: +31 (0)20 210 33 34

Fraude en Oplichting

Fraude en oplichting

Wat is fraude / oplichting?

Fraude is een verzamelbegrip van verschillende strafbare feiten, waarbij het telkens gaat om het geven van een verkeerde voorstelling van zaken in papieren of digitale documenten. Oplichting betreft een specifiek strafbaar feit zoals omschreven in art. 326 Sr. Fraude en oplichtingszaken variëren van eenvoudige marktplaatsoplichting tot aan zeer complexe internationale FIOD-zaken.

Veelvoorkomende fraudezaken zijn:

  • Acquisitiefraude
  • Advanced fee fraud (voorschotfraude)
  • Belastingfraude
  • BTW fraude
  • Carrouselfraude
  • Computer- en Internetfraude (zie: cybercrime)
  • Diploma- en Examenfraude
  • Flessentrekkerij en eetpiraterij (uit eten gaan en opzettelijk niet betalen)
  • Hypotheekfraude
  • Kredietfraude
  • Faillissementsfraude
  • Jaarrekeningfraude
  • Marktplaatsoplichting
  • Milieucriminaliteit
  • PGB – fraude
  • Pinpasfraude en Credit Card fraude (Skimmen)
  • Ponzifraude
  • Spookfacturatie
  • Subsidiefraude
  • Toeslagenfraude (bv: fraude met kinderopvangtoeslag)
  • Uitkeringsfraude
  • Verzekeringsfraude
  • Witwassen (oa: Ukash; Bitcoins)

Wanneer is fraude / oplichting strafbaar?

Fraudedelicten zijn opgenomen in diverse wettelijke bepalingen. Er wordt vaak onderscheid gemaakt tussen gewone fraudedelicten en bijzondere fraudedelicten. Indien u verdacht wordt van fraude, zal de rechter kijken naar de specifieke handeling en bepalen onder welk fraudedelict deze handeling betrekking heeft. Indien de fraudehandeling niet onder een specifieke wet valt, zal u worden ontslagen van alle rechtsvervolging.

Gewone fraudedelicten

Gewone fraudedelicten zijn valsheid in geschrifte (titel XII Wetboek van strafrecht), bedrog (titel XXV Wetboek van strafrecht), en faillissementsfraude (titel XXVI Wetboek van strafrecht). Daarnaast is oplichting als specifiek strafbaar feit opgenomen in art. 326 Sr.

Bijzondere fraudedelicten

Bijzondere fraudedelicten zijn met name fiscale fraude, milieufraude, of sociale zekerheidsfraude. Het kan daarbij gaan over het ongeoorloofd lozen van schadelijk afval tot en met het (her)verpakken van bepaalde (verzegelde) producten. De belangrijkste wet ten aanzien van bijzondere fraudedelicten is de Wet op de Economische delicten. Deze wet bevat een zeer grote lijst met bijzondere wetten, zoals bijvoorbeeld de landbouwwet, geneesmiddelenwet, en de wet milieubeheer. In de Wet op de Economische delicten is vervolgens opgenomen welke bepalingen van deze wetten strafbaar zijn als economische delicten.

Daarnaast zijn er nog wetten met zelfstandige strafbepalingen, zoals de Algemene Wet inzake Rijksbelastingen ten aanzien van belastingfraude.

Wat voor straf staat er op fraude?

Straffen is maatwerk. De rechter neemt bij het bepalen van de strafmaat alle feiten en omstandigheden van de zaak in aanmerking. Daarnaast kijkt de rechter ook naar uw persoonlijke omstandigheden, en of u bijvoorbeeld recidivist bent.

Door de wetgever zijn per delict maximum straffen opgesteld. Daarnaast zijn er door zowel het Openbaar Ministerie als de Rechtspraak algemene richtlijnen opgesteld ten aanzien van het eisen en opleggen van straffen in een concrete zaak.

Straffen bij fraudedelicten

Er zijn heel veel fraudedelicten, die allemaal een verschillende strafmaat kennen. Het is dan ook geen doen om alle verschillende soorten delicten en strafmaxima op deze website te vermelden. Wel kunnen wij de strafrichtlijnen vermelden, welke door de rechtspraak wordt gehanteerd voor fraude ‘in algemene zin’. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om uitkeringsfraude, valsheid in geschrifte, verduistering, bedrog, en witwassen.

De rechtbank kijkt bij het bepalen van de straf onder meer naar het benadelingsbedrag, de duur van de fraude, de financiële draagkracht van verdachte, recidivegevaar, en of de verdachte heeft gehandeld in de uitoefening van beroep of bedrijf.

 

Strafrichtlijnen bij fraude

Benadelingsbedrag Straf
€ 0 – € 10.000: 1 week – 2 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf of werkstraf
€ 10.000 – € 70.000: 2-5 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf of werkstraf
€ 70.000 – € 125.000: 5-9 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf
€ 125.000 – € 250.000 9-12 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf
€ 250.000 – € 500.000 12-18 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf
€ 500.000 – € 1.000.000 18-24 maanden onvoorwaardelijke gevangenisstraf
€ 1.000.000 of meer 24 maanden tot de maximum onvoorwaardelijke gevangenisstraf

 

Let op! Het straffen blijft altijd maatwerk en wordt van geval tot geval bepaald. Het landelijk straftoemetingsbeleid van rechters geldt alleen ten aanzien van first offenders, tenzij anders is aangegeven. Indien u dus verdacht wordt van fraude en u wilt een meer specifieke inschatting, dan verzoeken wij u contact met ons op te nemen.